Terwijl ik in mijn leven verschillende dingen gedaan heb, zoals gitaarspelen, componeren, gitaarles geven, I.Q.-tests ontwerpen, en het schrijven van verhalen en artikelen, is schrijven als zodanig een centraal en succesvol element daarin. Schrijven is op elk vakgebied een effectief en krachtig instrument, dat tegelijkertijd veel zegt over de persoonlijkheid van de auteur.
Een van mijn eerste ondervindingen als schrijver betreft de rampzalige invloed die slechte redacteurs op een goede tekst hebben. Wat foutloos wordt ingestuurd eindigt als wartaal; de woordvolgorde in zinnen wordt omgegooid, komma's willekeurig herverdeeld, woorden of uitdrukkingen vervangen door andere, aanhalingstekens gruwelijk foutief rond indirecte rede geplaatst, de indeling in paragrafen veranderd, enzovoort. Al wat het bevattingsvermogen van de redacteur te boven gaat wordt aangezien voor een "fout" die "verbeterd" moet worden, met kromtaal als resultaat. De tekst wordt verkleuterd tot het niveau van de redacteur. Je lijkt dan ineens veel dommer dan je bent. Voor hen die zelf toch niet kunnen schrijven zijn zulke ingrepen vaak nog een vooruitgang ook, maar een goed schrijver moet die bemoeienis zorgvuldig mijden. Weliswaar bestaan er ook goede redacteurs (al ken ik ze niet), maar hoe beter je bent als schrijver, hoe kleiner de kans een redacteur van jouw niveau te treffen die het niet zal verprutsen. Ik heb op zeker moment dan ook besloten in principe alleen nog te publiceren in media waar ik zelf alles in de hand heb en niemand er een letter of spatie aan kan veranderen. Het internet biedt daar de beste mogelijkheden voor.
Het volgende dat ik ervaren heb is dat schrijven in de Nederlandse taal en voor een Nederlandstalig publiek niet effectief is als men iets van enig niveau te vertellen heeft. Het aantal lezers is te klein, en de commentaren vaker negatief dan positief. Toen ik in het Engels ging schrijven kreeg ik onmiddellijk veel meer lezers, en de reacties waren overwegend positief. Er is dan een veel groter publiek, en dus een grotere kans dat er mensen tussen zitten die het begrijpen. Wat ik in het Nederlands geschreven heb wordt nog altijd maar door weinigen gelezen.
Ook lijkt de ijzeren wurggreep van het gelijkheidsdenken in bijna alle andere landen minder sterk te zijn dan in Nederland. Als je iets goed kunt of met belangrijke dingen bezig bent beticht men je hier standaard van "arrogantie" en "eigendunk", en ook verwijzingen naar de jaren dertig en veertig, naar racisme, fascisme, en nazisme, vliegen je al snel om de oren in onze cultuurmarxistisch geïndoctrineerde samenleving. Paradoxaal genoeg is in dit land het binnenstromen van zulke reflexmatig geconditioneerde beledigingen bijna een garantie dat je iets heel goed aan het doen bent. Heb je dat niet in de gaten, dan loop je een groot risico, namelijk dat je werk nooit op waarde geschat zal worden en je ook zelf je hele leven blijft denken middelmatig te zijn en niets bijzonders te kunnen. Ik meen in de loop der jaren de oorzaak gevonden te hebben van dit verstikkende anti-intellectuele en anti-creatieve klimaat in ons land. Kort gezegd houdt het verband met de hoge gemiddelde intelligentie van Nederlanders; marxistische tendensen zijn juist onder de intelligentste volkeren het sterkst. Ik heb daarvoor een verklaring op psychologisch niveau bedacht, maar het voert te ver die hier weer te geven.
Er is nog een ander probleem met de Nederlandse taal: Om de zoveel tijd wordt de spelling van een groot aantal woorden gewijzigd, en elke domme taalfout die een paar jaar door veel mensen is gemaakt wordt als juist in de woordenboeken opgenomen. Zinnen als "Er mist iets" en "Hun hebben meer taalgevoel als ons" zullen spoedig niet meer fout gerekend mogen worden, en voor gruwelen als "eigenaresse" en "het warmt op" is dat station zelfs al gepasseerd. Ook wordt iedere modieuze Engelse term die opduikt, met foute vervoeging en al, bevorderd tot goed Nederlands, zodat zelfs het publieke televisiejournaal ongestraft linguïstische fecaliën als geüpdatet mag uitbraken. Door dit gezwalk met spelling en toegeven aan verloedering vormt de taal geen stabiel platform voor het produceren van literatuur. Wie voor de eeuwigheid schrijft moet dat vooral niet in het Nederlands doen, althans niet zolang de taalvandalen van het Groene Boekje het voor het zeggen hebben. Een goed geschreven tekst van nu zal over vijftig jaar de indruk maken van een halve analfabeet afkomstig te zijn, en nog eens honderd jaar later begrijpt niemand er meer wat van. Als je elke zes jaar een nieuw woordenboek moet kopen en alles wat je ooit geschreven hebt moet aanpassen aan de laatste spelling, nodigt dat niet uit tot schrijven. Talen met een groter gebied zijn wat dat betreft stabieler. In het Engels is bijvoorbeeld het werk van Shakespeare na meer dan vierhonderd jaar nog goed te lezen. Om deze redenen schrijf ik vooral in het Engels en maar weinig in het Nederlands.
Hoewel ik eenmaal een literatuurprijs gewonnen heb met een ingestuurd verhaal, zijn mijn ervaringen met het opsturen van schrijfsels naar wedstrijden of uitgevers overwegend negatief, en ik ben daar dan ook al vele jaren geleden mee gestopt. De kwaliteit van iets dat op de een of andere manier niet in hun hokjes past wordt niet herkend, en de eisen die sommige wedstrijden en uitgevers stellen aan vorm, inhoud, en stijl zijn te inperkend voor een echt creatief iemand. Bovendien: Als je een zeldzaam hoog niveau hebt en dat tot uiting komt in je werk, is de kans nihil dat er iemand in zo'n jury zit die de intelligentie heeft dat te herkennen. Zulke mensen zijn simpelweg te schaars — dat weet ik door mijn bezigheden met I.Q.-tests — en je zou bij wijze van spreken door de knieën moeten gaan om op hun niveau te schrijven en begrepen te worden. Wat niet begrepen wordt, wordt door de beoordelaar als beneden zijn niveau beschouwd.
Veel betere ervaringen heb ik met het zelf beschikbaar maken van wat ik schrijf, zonder bemoeienis van anderen. Diegenen voor wie het te bevatten is vinden het dan vanzelf, doordat ze er naar op zoek zijn.
Vaak wordt gezegd dat men in zijn eentje de wereld niet kan veranderen, maar dat is onjuist voor schrijvers. Als je een werkelijk goed idee hebt, en het briljant en helder formuleert en beschikbaar maakt, zal het door de relevante personen gevonden worden en zijn invloed hebben. Geen ander machtsmiddel is dan nodig. Wederom geldt: Het idee presenteren of toezenden aan iemand in een machtspositie van wie je denkt "Die zal het wel op waarde schatten en gaan verwezenlijken", dat werkt niet. Men zit niet op goede ideeën te wachten. Men denkt dan dat je aan grootheidswaan lijdt of iets dergelijks. Iets dat ongevraagd wordt toegestuurd wordt doorgaans niet gelezen, en al helemaal niet met positieve aandacht.
De ervaring leert dat het zinloos is te proberen onder mijn niveau te schrijven — eenvoudiger, gemakkelijker — om zo een groter publiek te benaderen. Daar zijn twee redenen voor: Ten eerste lukt het gewoonweg niet zodanig te schrijven dat mensen die een moeilijker formulering niet konden begrijpen het nu wel snappen. Het verschil is te groot; een intelligentiekloof boven een bepaalde afmeting is waarschijnlijk niet meer te overbruggen met schriftelijk-verbale communicatie. Mensen die zelf een minder hoog niveau hebben kennen dit probleem uiteraard niet. Ten tweede stoot dat weerzinwekkende door de knieën gaan juist die mensen af die men eigenlijk wil bereiken, of die zijn zoals men zelf is. Het zich anders voor doen dan men is — en dat doet men als men "eenvoudiger" schrijft dan men spontaan zou doen — wordt direct doorzien en wekt walging op. Uitgerekend geestverwanten wenden zich vomerend af.
Het is belangrijk helder en duidelijk te formuleren, en ambiguïteit, vaagheid, en omslachtigheid te vermijden. Dit maakt het geschrevene krachtiger. Het blijkt echter dat naarmate een tekst helderder, eenduidiger, en beknopter geformuleerd is, minder mensen hem kunnen begrijpen. Helderheid en eenduidigheid verhogen het abstractieniveau van een tekst, en daarmee de intelligentievereiste. Dat betekent dat naarmate men beter leert schrijven, men door steeds minder mensen begrepen zal worden. Dit uit zich in het verschijnsel dat het vroege werk van een kunstenaar vaak het meest "toegankelijk" is.
Tenslotte spreek ik de verwachting uit dat de hierboven beschreven ervaringen, die evenzovele grote geheimen van het schrijven behelzen, velen — of beter nog: weinigen — van immens nut zullen zijn op de weg naar succes.